 |
Het
waarom van de crisis in Argentinië
Roelf Haan werkte
van 1975 tot en met 1981 als docent
aan een Theologische hogeschool in
Argentinië. Hij wilde eigenlijk
samen met zijn vrouw naar Azië,
maar toen ze na twee jaar wachten nog
geen visum kregen, werd hij door de
gereformeerde kerken uitgezonden naar
Argentinië.
Hij woonde in Buenos Aires toen in maart 1976 de militairen de macht grepen.
,,Het was een periode van grote chaos en onveiligheid'', vertelt Haan.
,,Het voert allemaal
terug tot de militaire coup in
1976. Die had tot doel om een monetair
economisch model neer te zetten, waarbij
het kapitaalverkeer en het overige economisch
verkeer over de grenzen zo vrij mogelijk
moest zijn. De binnenlandse industrie
mocht niet langer worden beschermd.
Een onderdeel van dat beleid was dat er zoveel mogelijk deviezen voorhanden
moesten zijn, zoveel mogelijk dollars in de kas van de centrale bank. Bedrijven
werden gestimuleerd om kredieten op te nemen. Vandaar die enorme toename
van de buitenlandse schuld, ook door pure speculatie, door wapenaankopen en
door consumptieve bestedingen van de rijke klasse.
Tegelijkertijd trad een enorme kapitaalvlucht op. Daardoor is het nooit
meer goed gekomen, want essentieel in het plan was om de binnenlandse markt
de pas af te snijden. Argentinië had een grote binnenlandse industrie,
en een grote binnenlandse markt. Dat maakt een land weerbaar, met een brede
middenstand, vakbeweging, onderwijs, etc. Daar hadden de militairen geweldig
de pest aan, want een sterke binnenlandse economie betekent ook een sterk en
mondig volk.
Werknemers hadden tot 1974 een goed inkomen. De liberalisatie van de economie
werd door het IMF sterk ondersteund. Zij staan in deze zin aan de wieg van
deze ellende. Nu komt men hier op terug. De huidige president Duhalde (ondertussen
ex-president, opgevolgd door Kirchner) vindt dat de binnenlandse productie
en ondernemingen gestimuleerd moeten worden.
Maar de basis van de economie is grondig vernield tijdens de junta-periode.
Het geld dat het land inkwam was speculatief kapitaal, en werd niet gebruikt
voor investeringen. Het was allemaal corruptie, belastingontduiking, zwartgeldpraktijk
en speculatie.
Na de coup kreeg men vanaf 1989 de periode Menem (voormalig president-
red.). Wat er nog bestond aan staatsbedrijven werd voor het overgrote deel
verkocht voor veel te weinig geld. Er zaten mensen tussen die daar belangen
bij hadden, die commissies en smeergelden opstreken. Volstrekt corrupt.
Het IMF deed niets anders dan roepen dat de overheidsbegroting moest worden
aangepast, er moest bezuinigd worden. Maar de economische basis was er niet
meer. Er was geen binnenlandse productie die inkomens genereerde, waaruit belastingen
konden worden betaald.
Een andere factor was de te grote zelfstandigheid van de provincies die
ook op hun beurt schulden aantrokken, en een eigen financieel en economisch
beleid voerden. De greep op de lokale economische politiek van de centrale
regering was veel te klein.''
Is de coup
van meer dan twintig jaar geleden
dan de oorzaak van de huidige crisis?
Is het niet zo dat de economie destijds
al binnen een paar jaar de mist in
ging?
,,Je merkte dat inderdaad onmiddellijk. Iedere maand was er een record aantal faillissementen.
Maar de hele economische structuur is nog steeds dezelfde als die de militairen
hebben aangebracht. Die ongelijkheid, het neerdrukken van de binnenlandse economische
activiteit.
Omdat president Menem in de jaren '90 staatsbedrijven voor een 'appel en een
ei' verkocht is de dienstverlening van die openbare nutsbedrijven veel en veel
duurder geworden is. Het is een neergaande spiraal geweest.''
Sinds 1992 is de peso 1 op 1 gekoppeld aan de dollar. Hoewel de inflatie
hiermee onder controle kwam, bleek dit een weinig flexibel systeem. Devaluatie
is immers niet mogelijk, waardoor de export duur blijft en dus stagneert. Hoewel
de prijzen stabiel bleven, werden de lonen verlaagd, waardoor de (consumenten)
bestedingen daalden. Lagere lonen betekent minder belastingopbrengsten. Hierdoor
wordt het begrotingstekort nog groter, waardoor aflossing en rente betalingen
op de (IMF- en bank) leningen nog moeilijker wordt. De dollarisatie werkte
goed om de hyperinflatie te bestrijden, en het vertrouwen in de economie te
herstellen.
Had de koppeling niet moeten worden losgelaten toen de stabiliteit terugkeerde?
,,Ja, dat zeggen ze nu achteraf. De wisselkoers is een belangrijk instrument
om in te kunnen grijpen als je munt te duur wordt. Aangezien de peso aan de
dollar gekoppeld was, en de dollar duur was, werd de export naar het buitenland
bemoeilijkt.
Men had die koppeling vroegtijdig moeten loslaten, maar men zat vast aan dit
model. Als je dit model loslaat komt er een behoorlijke devaluatie waardoor
al die schulden ook weer in waarde stijgen. De overheid moet de buitenlandse
schuld binnenlands financieren.
Dat wil zeggen dat als je 10 miljard moet terug betalen in dollars die dollars
moet kopen bij je eigen centrale bank, en daar heb je meer peso's voor nodig.
Dan moet de buikriem aangetrokken worden en moet er bezuinigd worden. Dit had
vanaf 1998 een deflatoire invloed. Het nationaal inkomen is de laatste jaren
gedaald, de inkomens van de burgers zijn sinds de coup in feite gehalveerd.
Volgens het economisch model van de militairen moest de inkomensverdeling
nog ongelijker worden dan die al was. Men zei: "alleen de rijken investeren,
dus door de ongelijkheid te vergroten krijgen we meer investeringen. Dan krijg
je een productieapparaat, en komt er meer inkomen". Dat was de bewering
van de militairen en de oligarchie. Maar er was niemand die investeerde, men
stak het gewoon in zijn eigen zak, het bleef speculatiekapitaal. Het geld werd
belegd in het buitenland. Volgens het boekje van de ontwikkelingseconomie investeer
je kapitaal in productie, maar dat is niet gebeurd.
In een democratie ontstaat er dan een oppositie. Daarom is die democratie
toen uitgeschakeld. Dit is precies de reden waarom die coup heeft plaatsgevonden.
Het argument was dat de linkse gewapende guerrilla bestreden moest worden.
Maar het economische model was het eigenlijke het doel van die coup.
Het was een criminele economische politiek die desastreus was voor het economisch
welzijn van een heel volk. De lonen werden geminimaliseerd, de koopkracht daalde,
door pure repressie en terreur. Vakbondsleiders en opiniemakers verdwenen uit
de samenleving.
Dit was de vuile oorlog, de coup, het economisch model. Het was een buitengewoon
doortrapt systeem om de eigen economie om zeep te brengen. Een sterke binnenlandse
economie was ook daarom voor de junta een doorn in het oog: het betekende een
sterke vakbond. In Argentinië had men vroeger de sterkste vakbond ter
wereld.''
Waarom brengt men de eigen economie om zeep?
,,Om de weerbaarheid van het volk te breken. Er was een economische
doelstelling: de rijkdom van de rijken versterken, omdat dit model goed voor
'de economie' zou zijn. En het teniet doen van de binnenlandse economie is
dus de grond weg slaan onder de vakbeweging. Als er geen fabriek meer draait,
heb je ook geen vakbondsinvloed meer. Er was een enorme haat van de rijke klasse
tegen het volk en de arbeiders. Als voorbereiding op de coup vond economische
sabotage plaats (er moest chaos ontstaan, zodat de militairen konden zeggen
de 'orde' te herstellen), waarin bijvoorbeeld Zorreguieta, vanuit de landbouwsector,
een leidende functie heeft gehad.''
Wat is de reden dat Zorreguieta blijft zwijgen over zijn
betrokkenheid bij het 'economisch model'?
,,Het economisch model is gevestigd met militaire terreur. Voor het
oog van de wereld was het een nette coup. Maar het werkelijk plan, zoals een
jurist dit beschreven heeft, was geheim: het systeem van geheime verdwijningen
van duizenden personen. Geheim is geheim, dus Zorreguieta zal blijven zwijgen.
En niet alleen Zorreguieta, maar ook duizenden anderen die deelnamen aan de
coup, aan de dictatuur. Militairen werden door het leger gedwongen mee te doen
aan de verdwijningen. Men had daar een uitdrukking voor: de militairen werden
gedoopt in de medeplichtigheid van dit geheime systeem. Die geheimhouding is
een wezenlijk onderdeel van de aanpak, die juist in Argentinië is gekozen.''
Het voornaamste probleem van Argentinië is de enorme
schuldenlast, die in dollars luidt en inmiddels met sterk gedevalueerde
peso's moet worden terugbetaald. In microvorm is deze molensteen ook
het probleem van de Argentijnen zelf. Een lening die is aangegaan in
dollars moet worden terugbetaald met inmiddels in waarde teruggelopen
peso's. Hoe kan de gigantische schuld van Argentinië van zo'n
inmiddels 150 miljard dollar worden afgelost? De aflossingen en rente
betalingen zijn gestaakt. Komt er een deal met de belangrijkste schuldeisers,
en wat kan dat dan voor een deal zijn?
,,Een land kan helaas niet failliet gaan. Als dat zou kunnen dan was die 150
miljard schuld snel de wereld uit. In juridische zin is Argentinië niet
failliet. Er komt natuurlijk een overleg op gang waarbij die schuld weer
wordt uitgesmeerd. Dat is in het belang van de crediteuren.
Een oplossing voor het Argentijnse economisch probleem is er eigenlijk niet.
Er is geen econoom die een oplossing weet. Het is slechts brandblussen, crisismanagement.
Het antwoord van de Argentijnen is al zichtbaar: ze willen allemaal naar Spanje
en Amerika. Zelfs de meest nationalistische Argentijnse burgers willen weg.
Dat is heel tragisch. Er zijn op het moment heel veel economische vluchtelingen.''
Hoe kunnen de burgers aan de ellende ontkomen?
Schulden luiden in dollars, salarissen in peso's! Met andere woorden: schulden
van de burger werden door de devaluatie in een klap 30 procent hoger.
,,Ik las in de krant van vandaag dat op de zwarte markt de peso al 2 dollar
35 doet, dus dan hebben we het niet meer over 30, maar over meer dan 100 procent.
Nu beweert men dat dit op korte termijn wel iets kan bijtrekken. Maar als een
economie niet produceert, en als er geen overschot komt op de betalingsbalans,
dan is er een logica dat de koers alleen nog maar verder zal dalen. De zwarte
markt is toch een indicatie voor wat er werkelijk gaat gebeuren.''
Argentinië huilt?
,,Ja, meer dan dat'', zegt Roelf Haan somber. ,,Men is desperaat. Ook dit weekend
stonden Argentijnen weer op de deuren van het Hooggerechtshof te beuken. De
volkswoede is erg groot.
Met een goede economische politiek moet het weer een beetje kunnen beginnen.
Maar in geen jaren is men hier bovenop.
In 1900 was Argentinië het op zes na rijkste land ter wereld.
Door militaire interventies is het sinds 1930 steeds verder achtergebleven.
De coup van 1976 heeft alles 'kaal' geslagen. Allemaal ter wille van
het nieuwe denken: we moeten de economie internationaliseren, vrijheid
van het financiële verkeer...'' (diepe zucht).
Bestaat de kans dat het leger weer de kazernes uitkomt?
,,Gezien het feit dat het nu toch echt wel bij iedereen is doorgedrongen dat
de militairen, historisch gezien, de oorzaak zijn van dit economisch model,
is er überhaupt geen kans dat die terug komen. Als de militairen
ergens geen verstand van hebben, is het van economie. Dat weten de Argentijnen
inmiddels wel.
Vergeet niet, dat met name in de jaren '80 en '90, het overgrote deel van de
Argentijnse bevolking de militairen nooit meer terug wilden zien. Vanwege de
mensenrechtenschendingen, vanwege de coup als zodanig. Militairen als Videla
en Masera die gearresteerd zijn en blijven, zitten hun straf uit wegens kinderroof.
Dat is zo pervers, een systeem dat zo ver gaat dat systematisch baby's en kinderen
worden geroofd van hun moeders, die vervolgens doodgemarteld worden...
,,Nee, die militairen zie ik niet terug komen. Internationaal ziet men dat
niet gebeuren, nationaal helemaal niet. Maar, in Argentinië kan alles'',
zegt Roelf Haan tot slot.
De crisis in vogelvlucht
In 1976 grijpt een militaire Junta onder leiding
van Jorge Videla de macht in Argentinië. Tegenstanders worden
opgepakt in de zogeheten Vuile Oorlog en nooit meer teruggezien.
In 1983 keert Argentinië terug naar een burgerregering. De leiders van
de militaire Junta worden berecht. De inflatie loopt op tot 900 procent. In
1989 wordt de Peronist Carlos Menem gekozen tot president. De militairen krijgen
amnestie.
In 1992 wordt een nieuwe munteenheid geïntroduceerd, de 'peso',
die gekoppeld wordt aan de Amerikaanse dollar. In 1995 wordt Carlos Menem herkozen.
In 1998 begint de economische recessie. Een jaar later wint Fernando de la
Rúa van de centrum-linkse coalitie de presidentsverkiezingen. Hij erft
een buitenlandse schuld van 146 miljard dollar.
2000 is een rampjaar: stakingen, protesten tegen de hoge benzine-accijns, mond-en
klauwzeer treft de vleesexport, de soja-export stagneert wegens angst voor
genetische modificatie. Het IMF zegt een hulppakket van 40 miljard dollar toe.
In maart 2001 formeert president De la Rúa een regering van nationale
eenheid. De financiële situatie van Argentinië is een puinbak, de
economie wordt getroffen door een landelijke algemene staking.
De Peronisten krijgen in oktober 2001 de meerderheid in zowel parlement als
congres. De la Rúa bezoekt Bush, in een poging een economische ineenstorting
te voorkomen. In december 2001 maakt het IMF bekend dat het de 1,3 miljard
schuldbetaling van die maand niet overmaakt, hierdoor raakt de economie op
de rand van de afgrond. Er volgt een algemene staking van ambtenaren (van 24
uur), als protest tegen de beperking van geldopnames.
De la Rúa treedt af op 20 december vorig jaar, na een oproer waarbij
25 doden vallen. Rodriquez Saá wordt president, voor één
week. Op 1 januari 2002 benoemt het congres de Peronist Duhalde tot president
voor twee jaar. De peso wordt losgekoppeld van de dollar.
Met dank aan Plan
Noticias, Platform Latijns Amerika
in Nederland:
http://www.noticias.nl/achtergrond_artikel.php?id=236 |
 |